Houtkachel aanmaken

Een houtkachel steek je van boven aan, niet van onderaf. Het vuur brandt dan naar beneden door de stapel heen, en dat scheelt merkbaar rook, roet en gedoe. Hieronder staan de zes stappen en wat je in de eerste twintig minuten doet.

In het kort

Methode
van boven aansteken, ook wel de Zwitserse methode
Onderop
twee tot drie droge blokken, naast elkaar
Daarboven
een torentje aanmaakhoutjes, kruislings gestapeld
Bovenop
een of twee aanmaakkrullen, en daar steek je aan
Luchtschuif
helemaal open, en de eerste minuten de deur op een kier
Bijvullen
pas als er een gloeiend bed ligt, niet eerder
Vooraf checken
de stookwijzer, bij code oranje of rood stook je niet

Van boven aansteken in 6 stappen

  1. 1Kijk eerst of je mag stoken. De stookwijzer van Milieu Centraal en het RIVM geeft per postcode aan of het weer de rook afvoert of juist tegen de grond houdt. Bij code oranje of rood laat je de kachel uit; dat is de enige stap die niets kost en het meest scheelt.
  2. 2Zet de luchtschuiven helemaal open. Bij de meeste kachels zijn dat er twee: de primaire lucht onder het rooster en de secundaire lucht langs het glas. Allebei open bij het aanmaken.
  3. 3Leg onderin twee tot drie droge blokken naast elkaar, met een vingerbreedte ruimte ertussen. Geen stapel: dit is de laag waar het vuur straks naartoe zakt.
  4. 4Bouw daarboven een torentje van aanmaakhoutjes, kruislings, ongeveer een handhoogte. Los stapelen, want het vuur heeft de ruimte tussen de latjes nodig.
  5. 5Leg een of twee aanmaakkrullen bovenop het torentje en steek die aan. Bovenop, niet ertussen en niet eronder. De vlam werkt zich van boven naar beneden door de stapel.
  6. 6Doe de deur op een kier, ongeveer een centimeter, tot het vuur goed pakt. Daarna dicht. Blijft de kachel maar smeulen, dan is het bijna altijd een van de vijf fouten hieronder.
Onze keuze

Waar je het torentje van bouwt

Aanmaakhoutjes zijn het onderdeel waar je als eerste doorheen bent, en droog gekochte latjes werken beter dan zelf gekloofde restjes uit de schuur.

Aanmaakhoutjes in een netzak

Dunne, droge latjes die je kruislings tot een torentje stapelt. Ze komen in een netzak in plaats van plastic, dus het hout blijft ademen en wordt in de schuur niet alsnog vochtig.

Prijs, levertijd en beoordeling komen rechtstreeks van bol en kunnen veranderen.

Dit zijn partnerlinks naar bol: koop je er iets via, dan ontvangt deze site een kleine commissie van bol. Dat staat los van de prijsvergelijking, die blijft zonder commissies en puur op prijs. En eerlijk is eerlijk: STOCERS is het eigen merk van de makers van deze site.

Waarom van boven en niet van onderaf

Steek je onderaan aan, dan trekt de vlam meteen door de hele stapel omhoog. Al het hout begint tegelijk gassen af te geven, terwijl het vuur nog te koel is om die gassen te verbranden. Wat er overblijft gaat als rook de schoorsteen in, en een deel slaat neer als roet en creosoot.

Van bovenaf gebeurt het omgekeerde. Alleen de bovenste laag brandt, de gassen uit het hout eronder moeten door die vlam heen naar buiten en verbranden onderweg alsnog. Het vuur zakt langzaam naar beneden, blijft heter, geeft minder rook en fijnstof, en houdt het glas van je kachel schoner. Het duurt iets langer voordat je warmte voelt; dat is de hele prijs die je ervoor betaalt.

De eerste twintig minuten

  • Eerste twee minuten: de krullen branden, de latjes pakken aan en de vlam staat hoog. Deur op een kier, allebei de schuiven open.
  • Na vijf minuten: het torentje zakt in en het vuur zoekt de blokken eronder op. Deur dicht, schuiven blijven open.
  • Na tien tot vijftien minuten: de blokken branden rondom en de rook uit de schoorsteen wordt vrijwel onzichtbaar. Zie je nog dikke witte of grijze rook, dan krijgt het vuur te weinig lucht of is het hout te nat.
  • Na twintig minuten: er ligt een gloeiend bed. Nu pas kun je de primaire lucht onder het rooster terugdraaien en de secundaire lucht langs het glas openhouden.
  • Bijvullen doe je op dat gloeiende bed, met een of twee blokken tegelijk. Een volle kachel smoort en begint opnieuw te roken.

Vijf fouten die het vuur smoren

  • Te nat hout. Boven de 20 procent gaat een deel van de verbranding op aan het verdampen van water in plaats van aan warmte in je kamer. Dit is de oorzaak achter de meeste kachels die niet willen.
  • De luchtschuif te vroeg dicht. Een kachel die net brandt heeft alle lucht nodig; terugdraaien doe je pas als er gloeiend houtskool ligt.
  • Chemische aanmaakblokjes. Ze werken, maar geven een olieachtige geur en zijn niet nodig: houtwol met wat wax doet hetzelfde zonder de lucht.
  • De kachel volstoppen. Meer hout is niet meer warmte. Twee of drie blokken die goed branden geven meer af dan zes die liggen te smeulen.
  • Gelakt, geverfd, geïmpregneerd of geplastificeerd hout, en oud plaatmateriaal. Dat hoort niet in een kachel: het geeft giftige rook en tast je schoorsteen aan. Ook geen papier of karton in bulk, want dat vliegt brandend de schoorsteen in.

Lees ook

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen

Wat is de Zwitserse methode bij een houtkachel?

Dat is de naam die vaak gebruikt wordt voor van boven aansteken: de blokken liggen onderin, het aanmaakhout ligt daarbovenop en je steekt de bovenste laag aan. Het vuur brandt van boven naar beneden door de stapel heen. De gassen uit het hout eronder moeten door de vlam heen naar buiten en verbranden daarbij alsnog, wat minder rook en minder roetaanslag geeft dan aansteken van onderaf.

Moet de deur van de kachel open bij het aanmaken?

Op een kier, ongeveer een centimeter, tot het vuur goed pakt. Dat geeft extra lucht op het moment dat de schoorsteen nog koud is en dus nog nauwelijks trekt. Zodra de vlammen stabiel staan gaat de deur dicht, anders trek je warmte je kamer in en de rook mogelijk met zich mee.

Waarom rookt mijn houtkachel bij het aanmaken?

Drie oorzaken staan bovenaan. Het hout is te nat, de kachel krijgt te weinig lucht doordat de schuif te ver dicht staat, of de schoorsteen is nog koud en trekt niet. Die laatste herken je aan rook die de kamer in komt in plaats van omhoog te gaan: houd dan even een aangestoken prop papier bij de rookgasafvoer om de trek op gang te helpen.

Hoeveel aanmaakhout heb je per keer nodig?

Voor een torentje van ongeveer een handhoogte kom je uit op een stuk of acht tot twaalf latjes, plus een of twee krullen erbovenop. Stook je een paar keer per week, dan is dat over een heel seizoen een flinke hoeveelheid: aanmaakhout is meestal het eerste waar je doorheen bent, niet het stookhout.

Mag ik altijd stoken?

Nee. Bij weinig wind of mist blijft rook laag hangen en geeft dat overlast in de buurt; de stookwijzer geeft per postcode een kleurcode af die daarop gebaseerd is. Bij code oranje of rood stook je niet. Daarnaast kan je gemeente eigen regels hebben, en een open haard of kachel is nooit toegestaan als de rook rechtstreeks bij de buren naar binnen slaat.